NEWS

13 May 2019

De VBA streeft naar een stevig politiek engagement en een meerjarenvisie

Net zoals de voorbije 6 jaar publiceert de Vereniging van de Belgische Aannemers van Werken van Burgerlijke Bouwkunde (VBA) de resultaten van haar jaarlijkse conjunctuur- en gezondheidsdiagnose van de grote Belgische ondernemingen uit de bouwsector. De studie onder haar leden, die samen 15% van de sector vertegenwoordigen met hun 19.000 medewerkers en 9,5 miljard omzet, vormt een terugkerende getuigenis met constante analysepunten.

Klik op de foto's om ze te vergroten

Volgens de vereniging is de gezondheidstoestand van de aangesloten ondernemingen, ten opzichte van de opmerkelijke groei van de orderboekjes in 2017 en 2018, licht achteruitgegaan tijdens het eerste kwartaal van 2019. Ze blijven wel goed gevuld, maar voorspellen een status quo voor 2019. Daar waar 19% van de bedrijfsleiders de situatie van hun situatie vorig jaar nog als zorgwekkend bestempelden, staan nu nog slechts 12% van hen weifelend ten opzichte van wat komen zal.

Hun vertrouwen in de toekomst wordt nochtans om diverse redenen uitgehold, met in de eerste plaats het structurele en terugkerende tekort aan geschoolde arbeidskrachten dat 55% van hen parten speelt. Ondanks de moeilijkheden om aan te werven, werden 600 extra jobs ingevuld in 2018, wat overeenkomt met een stijging van 7,4%. Het tekort aan geschoold personeel zorgt er nochtans voor dat nog ± 1.500 jobs open staan en 9 bazen op 10 actief op zoek gaan naar werknemers, maar zonder resultaat.

De grote ondernemingen betreuren de geringe belangstelling vanwege jongeren en werkzoekenden voor de sector. De bouwondernemingen lijden onder een negatief imago, de VBA erkent de noodzaak van een communicatiecampagne en juicht de “coup de poing pénurie” operatie toe die de Waalse regering op het getouw heeft gezet met de steun van het FOREM. Een verlaging van de werkgeverslasten met 10% zou volgens Frédéric LORIAUX, voorzitter van de VBA en CEO van CIT BLATON, een krachtige hefboom voor de tewerkstelling en de concurrentiekracht van de bouwondernemingen betekenen.

De VBA is blij met de herstart van de investeringen in openbare infrastructuur tot een niveau van 2,4% van het BBP, maar België blijft, volgens Didier CARTAGE, desondanks achteraan het klassement bengelen wat de kwaliteit van zijn infrastructuur aangaat. En dat door het gebrekkige onderhoud van de bouwwerken.

Het onderhoud dat jaarlijks tussen 1,5 en 2% van de infrastructuurkosten vergt, is nooit in de begroting opgenomen. En, hoewel het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gereageerd heeft met zijn tunnelrenovatieprogramma dat in 2031 afloopt, blijft de toestand van de bruggen problematisch in alle regio’s. Net zoals die van scholen, ziekenhuizen of sociale woningen, overigens.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *